Datum:†††††††††† 08-01-2017

Kenmerk: †††† Beleidsplan 2017

 

Beleidsplan Visserijmuseum Breskens voor het jaar 2017

 

 

0.    Inleiding.

Waarom een beleidsplan? Om enig houvast te hebben naar de toekomst. En om beeld te hebben waar we met het museum naar toe willen. Of waar juist niet.

Dit plan is geschreven voor en door vrijwilligers. Daarom zal er dus best veel op aan te merken zijn.Dat is niet erg. Als de kritiek maar opbouwend is.

 

De gemeente Sluis is van plan een Viscentrum (Fish-expirence) te stichten in een nieuw gebouw, waarin het Visserijmuseum een plaats krijgt. Momenteel vindt overleg met de gemeente plaats over de inpassing van het museum in dat nieuwe Viscentrum, dat volgens de huidige planning van de gemeente in de loop van 2016 zou kunnen worden gerealiseerd. Omdat tegen de bouw van het nieuwe viscentrum vier bezwaarschriften zijn ingediend bij de Raad van State is het niet zeker of deze planning van de gemeente gehaald wordt. Daarom beperkt deze beleidsnota zich tot het jaar 2016. In de loop van 2016 zal worden bezien of deze nota aanpassing behoeft.

 

†††† 1. Procedure.

Het bestuur stelt het concept vast van het beleidsplan. De vrijwilligers krijgen het toegestuurd. Ze mogen erop reageren. De reacties worden door het bestuur gewogen en, eventueel, verwerkt in het plan. De versie die zo ontstaat, wordt door het bestuur aan de vrijwilligers voorgelegd. Na dit overleg stelt het bestuur het uiteindelijke beleidsplan vast. Dit plan wordt vastgesteld in januari 2016.

 

2.    Doelstelling museum.

De doelstellingen van het museum zijn vastgelegd in de statuten en zijn omschreven als volgt:

 

    1. Het permanent of tijdelijk exposeren van schilderijen, fotoís of andere afbeeldingen, van personen of zaken, welke in enigerlei verband staan of zijn te brengen met de visserij en dit in de ruimste zin,

 

    1. Het exposeren van voorwerpen in de zin als bedoeld in punt 2.a.

 

    1. Het besteden van aandacht in ecologisch verband aan de Noordzee, de Noordzeekust rond de Scheldemonding en aan de Zeeuws-Vlaamse kuststrook.

 

    1. Mede met het oog op de educatieve waarde zal gestreefd worden naar een wetenschappelijk verantwoorde opstelling en toelichting van het geŽxposeerde.

 

    1. Het incidenteel gelegenheid bieden tot exposeren van werk, gemaakt door kunstenaars en / of amateursuit de regio, voor zover dit in verband is te brengen met het in punt 2.a beoogde doel.

 

    1. Het houden van lezingen voor groepen, scholen en dergelijke over de in punt 2.a en 2.b vermelde zaken en het samenstellen van documentatiemateriaal in dezelfde zin voor scholen.

 

    1. Het samenstellen en / of verwerven van publicaties en het tegen vergoeding beschikbaar stellen van publicaties, fotoís en dergelijke over de in punt 2.a en 2.b vermelde zaken.

 

3.    Hoe geven we uitvoering aan de doelstellingen?

Hierbij moeten een aantal punten aan de aan de orde komen, zoals: Personele bezetting, Ruimte en klimatisering, Beheer collectie, Arrangementen, Kosten en opbrengsten,Externe contacten.

 

3.1.†† Personele bezetting.

Het museum wordt gerund door vrijwilligers. Tijdelijk is er sprake van een door de gemeente gedetacheerde betaalde kracht voor vijf dagen in de week (Adrie S.). Zolang deze kracht er is, is hij verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken in het museum. Te denken valt hier aan schoonmaken, ontvangst, receptie, roosters maken voor balie en gidsen, enz. Hij signaleert onvolkomenheden en bevordert dat de vrijwilligers die deze onvolkomenheden kunnen oplossen worden ingelicht, ingeschakeld en geactiveerd. Het bestuur heeft de eindverantwoordelijkheid voor de gang van zaken in het museum. Zoveel mogelijk taken worden uitgevoerd door de vrijwilligers: het is hun museum. Het bestuur draagt er zorg voor dat er vrijwilligers zijn die eerste aanspreekpunt zijn voor: balie (Adrie S); sponsoring, pr, arrangementen (Tim); gidsen (Ans); inrichting Thijs Verschoorzaal (Ron); aquaria (Adrie B); beheer collectie (Hein); website (Jan); enz. Adrie S. neemt deel aan de bestuursvergaderingen ten behoeve van de coŲrdinatie van de diverse activiteiten. Momenteel hebben we nauwelijks voldoende vrijwilligers om het museum te runnen. Er wordt actief naar nieuwe vrijwilligers gezocht.

Bovenvermelde personen zijn ook gemandateerd om namens het bestuur besluiten te nemen. Jaarlijks worden door het bestuur bedragen vastgesteld voor de maximaal toe te stane uitgaven. De vrijwilligers worden door middel van een periodiek verschijnende, door het bestuur opgestelde, nieuwsbrief op de hoogte gehouden van de meest recente ontwikkelingen.

 

Met de huidige personele capaciteit moeten we tevreden zijn met een bezoekersaantal van ongeveer 13.000 per seizoen. Uitbreiding van dit aantal wordt wellicht mogelijk en is zelfs wenselijk als de nieuwe Fish-experiŽnce gerealiseerd is. Vůůr dat moment zal er binnen het museum een discussie gevoerd moeten zijn om voor die toekomst klaar te zijn.

 

Van belang is het dat het aantal vrijwilligers op niveau blijft. Aanwas met vooral jongere vrijwilligers zou zeer welkom zijn. Dat proberen we te bewerkstelligen door potentiŽle vrijwilligers uit te nodigen en hen te laten zien hoe we in het museum werken.

 

Het hebben van voldoende, zowel in aantal als in kwaliteit, vrijwilligers is zodanig belangrijk voor het voortbestaan van het museum, dat het bestuur van mening is dat de facilitering van deze mensen goed moet zijn. Het jaarlijkse uitstapje aan het eind van het seizoen is een duidelijk signaal van waardering en zorgt voor sociale binding in de groep. Daarom moet deze activiteit zeker blijven.

 

Het beleid ten aanzien van het personeel is vastgelegd in een afzonderlijke nota personeelbeleid.

 

3.2.       Ruimte en klimatisering.

Het museum is ondergebracht in een ruimte van de gemeente Sluis boven de vismijn. Inmiddels is het museum meer dan overvol. Diverse bij elkaar horende zaken staan door het museum verspreid en op drukke momenten lopen de bezoekers elkaar in de weg. Het streven van het bestuur is erop gericht meer ruimte voor de expositie te verkrijgen. De gemeente Sluis streeft ernaar het museum met een aantal andere functies onder te brengen in een nieuw te bouwen gebouw en daarin tevens een Fish-experiŽnce te realiseren, waarbij een inmiddels aangekochte kotter ook in dat nieuwe gebouw wordt ondergebracht.

De gemeente rekent erop dat het aantal bezoekers daardoor zal stijgen; bij het vaststellen van de capaciteit van het nieuw te bouwen gebouw zal daarmee dus rekening moeten worden gehouden.

 

Het vorig jaar opgesteldeprogramma van eisen is met de gemeente besproken en is inmiddels aangepast aan de opzet van de Fish-experiŽnce.

 

Periodiek worden met name voor wisseltentoonstellingen aanpassingen in het museum aangebracht. Vele voorwerpen moeten zorgvuldig worden beschermd tegen invloeden van buiten. De vitrines zouden de nodige klimatologische voorzieningen moeten hebben. De elektrische installatie komt voor totale vernieuwing in aanmerking, maar zal, gezien de voortgaande ontwikkelingen met betrekking tot de te realiseren Fish-experiŽnce niet worden uitgevoerd. Het ruimtegebrek bij de aquaria zou deels opgelost kunnen worden door een scheidingswand recht te trekken. Gezien de komende ontwikkelingen is hier voorshands nog van afgezien. Ten behoeve van de registratie is het kantoortje van de AID in gebruik genomen en daarin is ook het archief en een deel van het depot ondergebracht. Daardoor ontstaat in het bestaande Ďrookhokí meer ruimte voor de reparatie van vitrines en museumstukken en opslag van materiaal. In het kader van de geplande nieuwbouw ten behoeve van de Fish ExperiŽnce zal voor de meest dringende zaken hopelijk een oplossing te vinden zijn. Het bestuur is hierover in gesprek met de gemeente.

 

3.3.       Beheer collectie.

Het collectieplan geeft aan dat er op het gebied van de collectie een aantal beslissingen moet worden genomen. Om het museum een modernere uitstraling te geven en de aantrekkelijkheid voor kinderen te vergroten is de vaarsimulator aangeschaft. Inmiddels is ook een touchscreen aangeschaft, waarop onder meer informatie over vistuig en scheepstypen en een memoryspel is aangebracht.

Diverse onderdelen van de collectie zouden beter gegroepeerd kunnen worden. Zo zouden bijvoorbeeld scheepsmodellen van Vroon eigenlijk in de Scheldezaal thuishoren.

Deze hergroepering vergt een grote aanpassing van bestaande toestand. Om financiŽle reden en omdat het museum wellicht binnen afzienbare tijd naar een nieuw gebouw verhuist, wordt daarvan afgezien.

 

Indien de ruimte voor het museum niet kan worden vergroot, moet worden nagegaan of een deel van de (bruikleen)collectie zou moeten worden afgestoten. Het voordeel daarvan is dat er dan meer ruimte komt om de overige bestanddelen van de collectie beter te exposeren; het nadeel is dat dit een verarming van de collectie inhoudt. Daarom wordt er naar gestreefd de gehele collectie bijeen te houden, mede omdat vele bezoekers de diversiteit van het museum zeer positief beoordelen.

 

De collectie wordt momenteel in een computerprogramma geregistreerd (Adlib). Dit programma is ons door de provincie aangeraden en wordt door vele musea gebruikt, waardoor gemakkelijk uitwisseling van gegevens mogelijk wordt. Deze registratie is bijna voltooid maar behoeft overigens nog verdere gedetailleerde invulling. Er zijn tot nu toe slechts drie vrijwilligers mee bezig. Dit is te weinig. Gelukkig krijgen we nu assistentie van biologe Betty Ras van Terra Maris. En Adrie S. zal ook bij de registratie worden betrokken.

 

Er wordt voor gezorgd dat de kwaliteit van de collectie op niveau blijft enzo mogelijk nog verbetert. Het museum mag in geen geval een verzamelplaats worden van inferieure spullen, die wel iets met de visserij te maken hebben, maar niet in prima staat zijn of waarvan de meerwaarde voor het museum niet aan te tonen is.

 

Onlangs is een grote verzameling museumstukken geschonken door een Belg uit Blankenberge. Deze verzameling wordt momenteel beoordeeld op bruikbaarheid voor ons museum.

 

Er wordt naar gestreefd het museum een belangrijke toeristische trekpleister te laten blijven. Uitbreiding van de collectie kan alleen plaatsvinden als het museum de beschikking krijgt over meer ruimte. In de thans bekende plannen rond de haven in Breskens wordt het museum een zelfstandig onderdeel van het nieuwe Viscentrum. Zaken betreffende de collectie zijn beschreven in het collectieplan.

 

3.4.       Arrangementen.

Jaarlijks worden diverse arrangementen door het museum georganiseerd, veelal in samenwerking met andere organisaties. Dit is voor het museum een belangrijk doel, dat extra bezoekers oplevert. Dit beleid wordt daarom voortgezet. Het bestuur heeft inmiddels ook de exploitatie van de robotvis Bresko van de gemeente overgenomen. Als vergoeding voor de daarmee gepaard gaande kosten ontvangen we een bijdrage van Ä 2500,- van de gemeente.

 

Ook doet het museum mee aan het accepteren van de Zeelandpas, die recht geeft op een gratis bezoek aan het museum. Als vergoeding voor de gederfde inkomsten ontvangen we voor het jaar 2016 van de organisatie van de Zeelandpas een bedrag van Ä 3500,-. Na afloop van 2016 wordt geŽvalueerd of dat bedrag acceptabel is.

 

Het is mogelijk om vooraf een bezoek door een groep belangstellenden te reserveren, ook buiten de normale openingstijden. Die groepen worden door een of meerdere gidsen in het museum rondgeleid.

 

3.5.       Kosten en opbrengsten.

De in dit beleidsplan aangegeven zaken vergen een aanzienlijk bedrag aan geld. Afgelopen twee jaar is een verhoging van de toegangsprijs tot stand gekomen. Door die verhogingen is het aantal bezoekers gelukkig niet noemenswaard verminderd. Voor het jaar 2016 wordt de toegangsprijs wederom verhoogd. De gemeente streeft er naar de musea selfsupporting te maken en heeft tengevolge van dat beleid de bijdrage aan het salaris van de beheerder verlaagd. Wellicht kunnen voor bepaalde voorzieningen en arrangementen nog meer sponsors worden gezocht. Verder wordt nagegaan of de opbrengsten van het verstrekken van kortingen op diverse passen worden overtroffen door de hiervoor gemaakte kosten. Ook moet worden vastgesteld over welk bedrag het museum moet blijven beschikken als reserve voor onvoorziene omstandigheden. Het streven van het bestuur is de bouwkundige kosten (inclusief het onderhoud van de lift en de elektrische installatie), alsmede de kosten voor gas, water en elektriciteit geheel te laten financieren door de gemeente, maar dat heeft tot nu toe nog geen resultaat opgeleverd; de gemeente vergoedt nu nog slechts een deel van die kosten.

 

De jaarrekening wordt op grond van de gegevens van de penningmeester vůůr 1 juli opgemaakt door de accountant. Jaarlijks maakt het bestuur een concept begroting voor het volgend jaar en stelt de jaarrekening van het voorgaande jaar vast. Vůůr 1 september van elk jaar moeten deze documenten door het bestuur worden opgesteld. Deze gegevens zijn namelijk noodzakelijk voor het definitief vaststellen van de begroting van het volgende jaar en het aanvragen van subsidies.

 

Elke deelgroepering krijgt aan het begin van het museumseizoen de beschikking over een budget om noodzakelijke uitgaven te kunnen doen. Van deze uitgaven wordt door middel van het overleggen van bescheiden verantwoording afgelegd aan het bestuur. Het bestuur stelt vasttot welk bedrag de deelgroeperingen geautoriseerd zijn. Jaarlijks wordt er in de begroting een bedrag opgenomen voor reserve nieuwbouw, reserve aquaria, reserve inrichting nieuwbouw en reserve liftonderhoud.

 

De vastgestelde jaarrekening en de begroting liggen in het museum voor de vrijwilligers ter inzage.

 

Het museum is door de belastingdienst erkend als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). Daardoor is het mogelijk dat donateurs en subsidiŽnten hun donaties onder bepaalde voorwaarden kunnen aftrekken op de belastingaangifte.

Er wordt naar gestreefd jaarlijks financieel rond te komen. In voorkomende gevallen kan er natuurlijk een beroep worden gedaan op een (algemene) reserve: het museum is geen spaarclub.

 

3.6.       Externe contacten.

Het museum draait op goodwill. Daarom zijn externe contacten van belang. Er is regelmatig contact met SCEZ (Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland) voor allerlei museale zaken. Ook het contact met de VZM (Vereniging Zeeuwse Musea) moet worden aangehouden. Het verdient aanbeveling ook vanuit West Zeeuws-Vlaanderen een bestuurslid in deze organisatie te hebben. Het bestuur is ook bezig een officiŽle erkenning van de Nederlandse Museumvereniging te krijgen. Wellicht kunnen mede daardoor extra subsidiemogelijkheden worden aangeboord.

 

††† 4.†††† Resumť beleidsbeslissingen voor 2016

 

  1. Participeren in het overleg met de gemeente over het nieuwe viscentrum

 

  1. Vaststellen nota personeelbeleid

 

  1. Binnenhalen nieuwe vrijwilligers

 

  1. Vrijwilligers op de hoogte stellen van bestuursbeslissingen door middel van een nieuwsbrief

 

  1. Organiseren van diverse arrangementen

 

  1. Organiseren wisseltentoonstelling

 

  1. Voltooien registratie collectie in Adlib

 

  1. Vaststellen jaarrekening 2015.

 

  1. Zoeken sponsors voor arrangementen

 

  1. Maken begroting 2017 en vaststellen budgetten voor diverse groeperingen.

 

  1. Onderhouden contacten met SCEZ en VZM

 

  1. Verder gaan met het verzamelen van gegevens voor de registratie van het visserijmuseum als erkend museum.

 

Het bestuur zorgt dat dit plan jaarlijks eenmaal op de agenda staat en bekeken wordt of er een noodzaak tot uitbreiding en/of aanpassing is.